(INTER)-REGIONAAL VRIJWILLIGER

Wat houdt (inter)regionaal vrijwilliger zijn in?

(Inter)regionale Scoutingvrijwilligers vormen het cement voor onze gezamenlijke vereniging Scouting Nederland. Zij vervullen diverse rollen, zoals het organiseren van (inter)regionale activiteiten voor de leeftijdsgroepen (speltakken), geven coaching en trainingen aan lokale vrijwilligers of voeren bestuurs(ondersteunings)functies uit.

De regio

Scouting heeft in Nederland 45 Scoutingregio’s. Deze Scoutingregio’s hebben tot doel de lokale Scoutinggroepen te ondersteunen op deskundigheidsontwikkeling (Scouting Academy), gezamenlijk spel voor leeftijdsgroepen en bestuurlijk niveau. Daarnaast draagt de regio zorg voor de afvaardiging van de landelijke raad (Algemene ledenvergadering van de landelijke verenging). 

Veel voorkomende functies binnen een regio:

De regio is een zelfstandig vereniging met soms een beheerstichting ernaast. Het regiobestuur bestaat naast een voorzitter, secretaris en penningmeester meestal uit een coördinator trainingen/deskundigheidsontwikkeling, een coördinator regioactiviteiten en een coördinator groepsondersteuning. Elk regiobestuur heeft de vrijheid andere leden toe te voegen aan het regiobestuur. Een stichtingsbestuur is vaak van toepassing wanneer de regio een eigen gebouw of kampeerterrein inclusief de bijbehorende materialen beheert.

Een belangrijke en leuke taak van de regio is het ondersteunen van het Scoutingspel in de regio. De regio organiseert groepsoverstijgende spelactiviteiten per leeftijdscategorie. Bekende activiteiten zijn de Bever-Doe-Dag, de Jungle dag en de Regionale Scoutingwedstrijden (RSW). Elke leeftijdgroep heeft vaak een eigen activiteitenteam en soms zijn er organisatieteams voor gezamenlijke activiteiten waaraan meerdere leeftijdsgroepen of de vrijwilligers van de groepen deel kunnen nemen.

Voor de deskundigheidsontwikkeling heeft de regio een of meerdere praktijkcoaches die de praktijkbegeleiders van de lokale Scoutinggroepen helpen om hun vrijwilligers te ontwikkelen en te kwalificeren. Daarnaast bieden regio’s, soms in samenwerking met buurregio’s trainingen aan. Denk daarbij aan trainingen gericht op het leidinggeven aan een leeftijdsgroep, themagerichte trainingen zoals bijvoorbeeld vuurtechnieken of trainingen gericht op het spelthema. De trainingsteams werken vaak met trainers en instructeurs samen.

Groepsondersteuning wordt vaak op verschillende manieren door de regio’s ingevuld. Veel voorkomende rollen in de groepsondersteuning zijn die van (bestuurs)coach, bemiddelaar, vertrouwenspersoon, trajectbegeleiders voor Meer Vrijwilligers in Kortere Tijd (MVKT), groepsontwikkeling of bestuursontwikkeling. Daarnaast hebben sommige regio’s ook vrijwilligers die het contact met de regio bevorderen zoals regio-ambassadeurs.

De regio heeft ook een lid en plaatsvervangend lid landelijke raad. Deze leden zijn de afvaardiging namens de leden en de groepen in de landelijke raad. Zij worden in de regioraad (ALV van de regio) gekozen en zijn voor een bepaalde periode (maximaal 3 x 3 jaar). Zij zijn de ogen en oren van de regio in de landelijke organisatie en praten mee over de richting waarin onze landelijke vereniging beweegt.

Een admiraliteit

Voor de ondersteuning van waterscoutinggroepen zijn er 21 admiraliteiten actief. Zij verzorgen de specialistische ondersteuning voor watergerelateerde zaken. Ongeveer 20% van de Scoutinggroepen heeft een waterspeltak of is een volledige waterscoutinggroep. Regio’s ondersteunen alle Scoutinggroepen binnen hun gebied, terwijl de admiraliteiten zich richten op de specifieke behoeften van waterscouting.

Een admiraliteit is een samenwerkingsverband van waterscoutinggroepen binnen een bepaald gebied. Samen bepalen de aangesloten groepen welke activiteiten, ondersteuning en deskundigheidsontwikkeling worden aangeboden. Omdat een admiraliteit vóór en dóór de groepen bestaat, dragen de aangesloten waterscoutinggroepen hier ook zelf aan bij.

Veel voorkomende functies binnen een admiraliteit:

Een admiraliteitsbestuur bestaat in ieder geval uit een voorzitter, penningmeester en secretaris, aangevuld met coördinatoren van verschillende commissies en activiteiten, zoals de Nautisch Technische Commissie (NTC).

Wanneer een admiraliteit meerdere regio’s bestrijkt, is deze meestal georganiseerd als een zelfstandige admiraliteitsvereniging met een eigen bestuur. Valt het werkgebied van de admiraliteit samen met een regio, dan functioneert de admiraliteit vaak als een team binnen die regio. De voorzitter van de admiraliteit, de admiraal, maakt dan meestal ook deel uit van het regiobestuur.

Binnen de admiraliteit zijn ook vaak organisatoren actief. Zij organiseren water specifieke activiteiten voor de (water)Scoutinggroepen in hun admiraliteit. Denk hierbij aan roei-, wrik- of een zeilwedstrijden

De Nautisch Technische Commissie (NTC) is verantwoordelijk voor de richtlijnen voor het varend materieel en voor de opleiding van de waterscouting leden. Veelal zijn dit technische mensen die bijvoorbeeld alles van motordrijvers (wachtschepen die nog varen) of van lelievletten afweten.

Instructeurs ondersteunen op diverse niveaus de leiding van waterscoutinggroepen bij het aanleren van verschillende vaardigheden. Denk hierbij aan leren zeilen en het omgaan met bijvoorbeeld motor aangedreven schepen. Zij leiden op volgens de richtlijnen van het nationale watersport diploma.

Stijn Meerts

Vrijwilliger zijn heeft mij geleerd om eigen programma’s te bedenken, te organiseren en te presenteren, maar vooral om gewoon te dóén en te ondernemen. Daarnaast heb ik er een hechte vriendengroep en een groot netwerk aan overgehouden, met mensen met wie ik nog steeds intensief contact heb (binnen én buiten Scouting). 

Hoe word je (inter)regionaal vrijwilliger?

1. Neem contact op:  Ga naar de groepenzoeker of zoek een specifieke regio/admiraliteit of via hun website. Neem contact op met de contactpersoon voor vrijwilligers. Vaak is dat de regio-HRM’er of iemand anders van het regio- of admiraliteitsbestuur.

2. Geef je interesse aan: Laat weten dat je geïnteresseerd bent en geef aan waar je de meeste affiniteit mee hebt.

3. Begin met vrijwilligerswerk: Na een kennismakingsperiode en intake kun je beginnen.

Sollicitatieformulier